Amsterdamse woonproef onder vuur na jarenlange veiligheidsincidenten

Amsterdamse woonproef onder vuur na jarenlange veiligheidsincidenten

2026-02-04 binnenland

Amsterdam, woensdag, 4 februari 2026.
Het woonproject Stek Oost in Amsterdam gaat door, ondanks langdurige problemen met veiligheid. Meerdere gevallen van groepsverkrachting door statushouders op studentes hebben verontwaardiging doen toenemen. Wethouder Rutger Groot Wassink stelt dat incidenten ‘helaas overal kunnen voorkomen’. Dit commentaar volgt op jarenlange meldingen van intimidatie, drugsoverlast en seksuele misdrijven binnen het complex. Critici stellen dat de gemeente te laat en te zacht heeft gereageerd. Het idee van gemengd wonen wordt nu hard genoeg geprijsd. Bewoners melden zich als proefkonijn in hun eigen thuis. Een officieel driehoeksbesluit met justitie bleef uit, terwijl het project symbool werd voor een risicovol beleidsexperiment.

amsterdamse woonproef onder vuur na jarenlange veiligheidsincidenten

Het woonproject Stek Oost in Amsterdam gaat door, ondanks langdurige problemen met veiligheid. Meerdere gevallen van groepsverkrachting door statushouders op studentes hebben verontwaardiging doen toenemen. Wethouder Rutger Groot Wassink stelt dat incidenten ‘helaas overal kunnen voorkomen’ [1]. Dit commentaar volgt op jarenlange meldingen van intimidatie, drugsoverlast en seksuele misdrijven binnen het complex [2]. Critici stellen dat de gemeente te laat en te zacht heeft gereageerd. Het idee van gemengd wonen wordt nu hard genoeg geprijsd [3]. Bewoners melden zich als proefkonijn in hun eigen thuis [3]. Een officieel driehoeksbesluit met justitie bleef uit, terwijl het project symbool werd voor een risicovol beleidsexperiment [3].

gemeentebestuur onder druk na jarenlang falen in preventie

De gemeente Amsterdam staat onder toenemende druk na bekendwording van systematische veiligheidsincidenten bij Stek Oost [3]. Hoewel signalen al in 2023 werden opgepakt, namen incidenten structureel toe zonder adequaat optreden [3]. Wethouder Zita Pels noemde destijds het ontwikkelen van scenario’s noodzakelijk, maar concrete actie bleef achter [3]. Volgens Myron von Gerhardt van de VVD komt dit neer op nalatig bestuurlijk handelen [3]. Hij wijst op vier tot vijf jaar van aanhoudende meldingen, wat volgens hem vereist had moeten worden tot sneller en strenger optreden [3].

politie en om zonder formeel coördinatiemechanisme

Hoewel de politie en het Openbaar Ministerie betrokken zijn bij Stek Oost, is er geen formeel driehoeksbesluit vastgesteld [3]. Wel werken zij via bestaande protocollen samen, aldus wethouder Groot Wassink [3]. Deze situatie roept vragen op over effectiviteit van interinstitutionele samenwerking bij complexe veiligheidslagen [3]. Juridische garanties tegen herhaling van ernstige misdrijven ontbreken, erkent Groot Wassink: ‘Die bestaan helaas niet’ [3]. Het gebrek aan een gestructureerde crisisrespons kan het vertrouwen van bewoners verder ondermijnen [3].

kritiek op ideologie versus praktijk in woningbouwbeleid

Critici omschrijven het project als een ‘ideologisch experiment’ waarbij het succes van integratie boven bewonerveiligheid zou zijn geplaatst [3]. Carina Molema van JA21 benadrukt dat niet alle statushouders negatief zijn, maar wijst op structurele tekortkomingen in uitvoering [3]. Tegenoverliggende standpunten doen zich voor: Ayoub Taj van GroenLinks betwist dat de gemeente heeft stilgezeten, verwijzend naar politie-interventies sinds 2023 [3]. Toch concludeert Juliet Broersen van Volt: ‘Als bewoners zich een experiment voelen in hun eigen woning, dan gaat er iets mis’ [3].

nieuwe bewonerstructuur vanaf zomer 2025

Vanaf de zomer van 2025 is de bewonerstructuur in Stek Oost aangepast naar 70% woonstarters en 30% statushouders [3]. Deze verhouding volgt uit een adviesrapport uit 2020 dat juist deze spreiding aanbeval voor balans en veiligheid [3]. Bij andere complexen is deze aanpassing nog niet doorgevoerd, wat vragen oproept over selectieve implementatie [3]. Sinds de aanpassing zijn er volgens bronnen ‘geen hele zware incidenten meer’ geweest [3]. Evaluatie van dit effect blijft echter lopende taak [3].

Bronnen


Stek Oost Rutger Groot Wassink