El Niño kondigt extreem weer aan
Utrecht, dinsdag, 2 juni 2026.
Meteorologen waarschuwen voor een sterk El Niño dat eind 2026 kan toeslaan. De kans is 90 procent. Dan wordt de oceaan tot 3°C warmer. Normaal is dat 0,5 tot 1,5°C. Dit kan leiden tot extreme hittegolven, langdurige droogte en zware regenval wereldwijd. Nederland moet rekening houden met natte zomers en milde, regenachtige winters. Het fenomeen verergert bestaande klimaattrends. De afgelopen lente was al een van de warmste en droogste sinds 1901. Overheidsinstanties worden opgeroepen zich voor te bereiden op toenemende weersextremen. De hittekracht-index, nieuw van het KNMI, helpt nu beter in te schatten hoe zwaar warmte werkelijk is.
El Niño loopt aan
De Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) wijst op een kans van 90 procent dat El Niño zich ontwikkelt tussen eind 2026 en 2027 [1]. Het fenomeen kan een temperatuurstijging van 3°C in de tropische Stille Oceaan veroorzaken [1]. Normaal varieert de afwijking tussen 0,5°C en 1,5°C [1]. Een dergelijke opwarming categoriseert als „uitzonderlijk sterk“ [1]. Secretaris-generaal António Guterres van de Verenigde Naties benadrukte dat de wetenschappelijke signalen duidelijk zijn [1]. El Niño versterkt wereldwijd de kans op hittegolven, droogte en zware neerslag [1].
Gevolgen voor Nederland
Hoewel El Niño zich concentreert rond de evenaar, heeft het indirecte effecten op het Europese weerpatroon [1]. Voor Nederland impliceert dit een verhoogd risico op natte zomers en milde, regenachtige winters [1]. Deze tendensen lijnen in met recente observaties [2]. De lente van 2026 werd officieel geregistreerd als een van de vijf warmste sinds 1901 [2]. De gemiddelde temperatuur bedroeg 11,0°C tegen een norm van 9,9°C [2]. Landelijk viel slechts 105 mm neerslag, terwijl de verwachte hoeveelheid 148 mm is [2].
Hittekracht-index ingevoerd
Op 2 juni 2026 lanceerde het KNMI, in samenwerking met TNO en het RIVM, een nieuwe hittekracht-index [3]. Deze index meet het warmtegevoel op basis van temperatuur, luchtvochtigheid, wind en zonnestraling [3]. De schaal loopt van 0 tot 10 [3]. Op 26 mei 2026 bereikte de hittekracht in De Bilt een waarde van 8 [3]. In Groningen lag de index op 6, in Utrecht en Amersfoort op 5 [3]. De Dam tot Damloop in 2024 werd stilgelegd bij een hittekracht van 5 [3].
Onweer en lokale records
Extreem weer trad al op tijdens de vroege zomer van 2026 [2]. Op 29 mei troffen zware onweersbuien het noorden en oosten van Nederland [2]. Hagelstenen van tot 3 centimeter vielen, vergezeld door windstoten tot 90 kilometer per uur [2]. Het KNMI activeerde code oranje voor Groningen, Drenthe en Overijssel [2]. Dezelfde dag noteerde het station in Ell een piektemperatuur van 33,7°C, een mogelijke lentedagrecord [2]. In de lente werden gemiddeld 730 zonne-uren geregistreerd, ruim boven het normaal van 567 uur [2].
Langdurige klimaattrends
De huidige weersomstandigheden sluiten aan bij bredere klimaatveranderingen [1][2]. Sinds de start van de registraties is een geleidelijke opwarming merkbaar [2]. De lente van 2024 bleef met 11,8°C de warmste in de geschiedenis, tot nu toe [2]. Extreme hittekrachten buiten officiële hittegolven zijn steeds vaker waargenomen [3]. Waarden van 8 of hoger deden zich eerder pas vóór juli voor, maar traden nu al op eind mei op [3]. Hittekracht 10 is zeer zeldzaam; sinds 1991 werd deze slechts vier uur geregistreerd, allen in De Bilt [3].