hoe een topanalist van de nctv in de val trad

hoe een topanalist van de nctv in de val trad

2026-02-04 binnenland

Den Haag, woensdag, 4 februari 2026.
Een voormalige topanalist van de NCTV, Ab el M., staat terecht voor het doorsluizen van honderden staatsgeheime documenten naar de Marokkaanse inlichtingendienst. Het Openbaar Ministerie eist twaalf jaar cel. Afkomstig uit Rotterdam, had hij jarenlang toegang tot gevoelige informatie over nationale veiligheidsstrategieën. Volgens justitie gebeurde dit systematisch, waarbij hij codetaal gebruikte zoals “dingetje” en “medicijn”. Wat maakt de zaak explosief: hij bewaarde staatsgeheimen thuis, op een nachtkastje en zolder, zonder kluis. Terwijl hij beweert dat hij opdracht had om thuis te werken, ontkennen voormalige baasjes Dick Schoof en Pieter-Jaap Aalbersberg dit. Een intern faillissement bij de NCTV lijkt onvermijdelijk.

jarenlang vertrouwd, plots als verrader behandeld

Ab el M., een 66-jarige voormalig analist van het Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCT9), wordt verdacht van het systematisch doorsluizen van staatsgeheime informatie naar de Marokkaanse inlichtingendienst DGED [1]. Tot zijn aanhouding in december 2023 gold hij als een autoriteit op het vlak van jihadisme en radicalisering [2]. Hij werkte sinds 2005 bij de NCTV en had herhaaldelijk toegang tot gevoelige analyses van de AIVD en MIVD [3]. Juist daardoor is de impact van de vermeende lekken enorm, aldus veiligheidsexperts [2].

gepakt op schiphol met geheime data

In december 2023 werd Ab el M. aangehouden op Schiphol, op het moment dat hij gereedstond om naar Marokko te vertrekken [3]. In zijn bagage bevonden zich tientallen staatsgeheime documenten, digitaal opgeborgen op gegevensdragers [4]. Bij een doorzoeking van zijn woning in Rotterdam troffen rechercheurs bovendien honderden papieren en digitale documenten aan met een vertrouwelijkheidslabel [1]. Het Openbaar Ministerie ziet hierin een duidelijk patroon van malversatie, dat mogelijk al sinds 2015 actief was [1][3].

codetaal en contacten met marokkaanse dienst

Volgens justitie onderhield Ab el M. jarenlang contact met hooggeplaatste functionarissen van de Marokkaanse inlichtingendienst DGED [1]. Deze communicatie vond grotendeels plaats via privéapparatuur, waarbij hij codetaal gebruikte zoals “dingetje” en “medicijn” om gevoelige informatie te maskeren [1]. Op zijn telefoon zijn berichten aangetroffen die verwijzen naar concrete overheveling van documenten [3]. Het OM stelt dat hij hiervoor mogelijk financiële voordelen en reizen ontving [3].

huis als archief, zonder beveiliging

Terwijl het strikt verboden was om staatsgeheime documenten het kantoorgebouw uit te nemen, bewaarde Ab el M. honderden stukken thuis in zijn rijtjeswoning in Rotterdam [3]. Die lagen niet in een kluis, maar op een nachtkastje en op zolder [4]. Dit creëerde een fors veiligheidsrisico, stellen rechtshelpers [4]. Hoewel hij beweert dat hij formeel toestemming had om thuis te werken, ontkennen voormalige NCTV-chefs Dick Schoof en Pieter-Jaap Aalbersberg dit nadrukkelijk [3][4].

woekerende werkdruk en interne conflicten

Ab el M. verklaart dat hij zich vanaf 2019 gedwongen zag thuis te werken vanwege een verziekte werksfeer bij de NCTV [4]. Hij voelde zich ‘gesaboteerd’ door collega’s, die hij zelf ‘klokkenluiders’ noemt [4]. Sinds publicaties van de NRC in 2021 over controversiële methodes binnen de dienst, moest hij volgens eigen zeggen ‘onder de radar’ opereren [4]. In diezelfde periode nam zijn werkdruk toe, wat volgens hem noodgedwongen thuiswerk vereiste [4].

nationale veiligheidsinstanties in verlegenheid

Dat een insider binnen de NCTV jarenlang kon opereren zonder opgemerkt te worden, wijst op structurele tekortkomingen [2]. Rowin Jansen, specialist in nationaal veiligheidsrecht, noemt het falen van de NCTV ‘zeer zorgwekkend’ [2]. De dienst is per definitie belast met het signaleren van spionage en sabotage, toch ging dit langdurig onopgemerkt voorbij [2]. Minister David van Weel sprak eerder over ‘laksheid’ binnen de dienst, nadat de Tweede Kamer over de zaak debatteerde [2].

twintig maanden voorarrest en juridische strijd

Ab el M. zit al twintig maanden in voorarrest, wat volgens zijn advocaat negatieve gevolgen heeft gehad voor zijn gezin en mentale gesteldheid [1]. Hij klaagt over traumatische ervaringen in detentie en noemt de situatie levensbedreigend [1]. Desondanks blijft hij ontkennen dat hij spioneerde voor Marokko [3]. Hij omschrijft de verdenking als een ‘groot misverstand’ en wijst naar een gebrek aan risico-inschatting, niet tot sabotage [3].

verdediging wijst naar leidinggevenden

Tijdens de rechtszittingen stelde Ab el M. dat zijn voormalige bazen nu ‘hun kloten proberen te klaren’ [4]. Hij beweert expliciete toestemming te hebben gekregen om met geheime documenten thuis te werken, iets wat Dick Schoof en Pieter-Jaap Aalbersberg categorisch ontkennen [3][4]. Volgens M. wisten meerdere medewerkers van deze praktijk, maar durven zij nu niet openlijk te getuigen [4]. Hij voelt zich als zondebok gebruikt in een groter systeemversagen [4].

waardevolle bron of risicovolle insider?

Tot voor zijn arrestatie werd Ab el M. breed erkend als een ‘superspecialist’ met unieke inzichten in radicale netwerken [2]. Volgens Paolo de Mas, voormalig directeur van het Nederlands Instituut in Marokko, was M. een waardevolle informatieverstrekkers op congresniveau [2]. Collega’s vertrouwden hem en boden hem ruimte, omdat hij ‘nutige informatie leverde’ [2]. Precies deze positie maakte hem echter tot een potentieel groot risico toen zijn contacten met Marokko intensiveren [2].

justitie eist twaalf jaar cel

Het Openbaar Ministerie eist twaalf jaar gevangenisstraf tegen Ab el M. voor spionage in het voordeel van een buitenlandse mogendheid [1]. Daarnaast wordt aftrek van voorarrest gevraagd [1]. De officier van justitie benadrukte dat ‘informatie is macht, en die moet je niet kwijtraken door iemand die spion blijkt te zijn’ [1]. Ook wordt het vertrouwen dat diverse overheidsinstanties in hem stelden ‘ernstig beschaamd en geschonden’ genoemd [1].

Bronnen


spionage staatsgeheimen