extreemrechts verovert kiezers: 23% en stijgend
Brussel, woensdag, 24 juni 2026.
Onderzoek van Europese politicologen toont dat extreemrechts tussen 2016 en 2026 sterk is gegroeid. In 31 landen stemde ruim 23% van de kiezers recent op een uiterst‑rechtse partij, een stijging van ruim 16% in 2020 en ruim 18% in 2023. Wat ooit marginaal was, is electorale macht geworden. Partijen als AfD, Rassemblement National en nationalistische formaties in Italië en het Verenigd Koninkrijk laten dit zien. De trend verschuift politieke agenda’s richting strengere migratie-, veiligheids- en grensmaatregelen. Centrumpartijen verliezen ruimte; coalitievorming wordt complexer. In het Europees Parlement laaiden felle confrontaties op nadat een wet over externe terugkeercentra werd aangenomen. De analyse waarschuwt dat in het uiterste scenario landen als Frankrijk, Duitsland en het VK door extreemrechtse krachten aan de macht kunnen komen. Voor Nederland betekent de opmars extra aandacht voor Europese samenwerking en nationale beleidskeuzes. De vraag is of democratische instituties en coalities deze druk kunnen opvangen en tijdig kunnen reageren.
onderzoek en kerncijfers
Een groot onderzoek onder Europese politicologen laat zien dat in 31 landen ruim 23 procent van de kiezers recent op een uiterst‑rechtse partij stemde. De dataset is bijgewerkt tot en met mei 2026 en vormt de basis voor de conclusie dat steun boven de twintig procent ligt. De auteurs plaatsen die groei binnen een langere trend: ruim 16 procent in 2020 en ruim 18 procent in 2023, volgens het gepresenteerde overzicht van The PopuList [1].
snelheid van de groei — rekenvoorbeeld
De onderzoekers tonen een duidelijke stijging tussen 2020, 2023 en 2026. Voor de relatieve toename tussen 2020 (ruim 16%) en 2026 (ruim 23%) geldt de formule 43.75. Voor de stijging sinds 2023 (ruim 18%) geldt 27.778. Deze berekeningen gebruiken alleen de door de onderzoekers gepresenteerde percentages en illustreren de proportionele toename van het electoraat dat op uiterst‑rechtse partijen stemt [1].
wie vallen onder ‘uiterst rechts’ en waarom dat telt
De onderzoekers definiëren uiterst rechts als nativistisch en autoritair, met een nadruk op preferentie voor de eigen bevolking boven immigranten. Dat sluit aan op gangbare academische definities die extreemrechts situeren bij autoritarisme, nativisme en ultranationalisme [2][1]. De taxatie maakt het mogelijk electorale bewegingen te vergelijken en te beoordelen welke partijen binnen Europa als uiterst rechts gelden en politiek gewicht ontwikkelen [1][2].
voorbeelden en politieke actoren
Het onderzoek noemt concrete voorbeelden: Alternative für Deutschland (AfD), Rassemblement National in Frankrijk, nationalistische formaties in Italië en prominenten in het Verenigd Koninkrijk. De tekst verwijst naar verkiezingscijfers en peilingen voor AfD, RN, Fratelli d’Italia en partijen in het VK, en bespreekt ook politieke figuren zoals Nigel Farage in het Britse politieke spectrum [1]. Deze actoren illustreren de electorale verschuivingen die het onderzoek registreert [1].
impact op beleid en Europese politiek
De opmars verschuift politieke agenda’s richting strengere migratie- en veiligheidsmaatregelen. De onderzoekers koppelen die verschuiving expliciet aan debat en wetgeving in Brussel, waaronder een recent aangenomen EU‑wet over terugkeercentra buiten de Unie die felle confrontaties in het Europees Parlement veroorzaakte. Die wet en de parlementaire confrontaties werden in juni 2026 genoemd in het onderzoek en in verslaggeving rond de presentatie van de studie [1].
gevolgen voor Nederland en democratische weerbaarheid
Voor Nederland wijzen de onderzoekers op meer aandacht voor Europese samenwerking, grensbeleid en de invloed van Europese partijen op nationale verkiezingen. De analyse signaleert druk op centrumpartijen en complexere coalitievorming in binnenlandse politiek. De auteurs waarschuwen voor een mogelijk extreme scenario waarin uiterst‑rechtse krachten in meerdere landen dominante posities innemen, een scenario dat zij bespreekbaar maken maar waarvan de waarschijnlijkheid niet kwantitatief wordt vastgesteld in het gepresenteerde materiaal [1][alert! ‘onderzoek geeft scenario aan als mogelijk voorbeeld, niet als voorspelling met waarschijnlijkheidsgetal’].