verdachte zegt partner eerst vergiftigd, daarna onder water gehouden
Amsterdam, maandag, 22 juni 2026.
In Amsterdam-Zuid is een 40-jarige vrouw op 26 maart dood gevonden in haar woning aan de Koninginneweg. Het Openbaar Ministerie verdenkt haar partner, de 39-jarige ondernemer Clen V., ervan haar eerst te hebben vergiftigd en vervolgens haar hoofd onder water te hebben gehouden, waardoor zij stikte. De zaak schokte de buurt en zette politie en forensische teams dagenlang aan het werk. De verdachte werd bijna twee weken na de vondst aangehouden. Het slachtoffer werkte bij ABN Amro en woonde met het stel en hun jonge kind in het pand. Er doken kort na de vondst geruchten op over een link met een andere dode collega van het slachtoffer. Politie en OM zeggen dat die zaken los van elkaar staan en apart onderzocht worden. De verdediging van Clen V. zwijgt nog. Op 1 juli is een pro-formazitting gepland. Autoriteiten vragen getuigen zich te melden.
plaats en vondst
In Amsterdam-Zuid werd op 26 maart een 40-jarige vrouw levenloos aangetroffen in een woning aan de Koninginneweg. Het lichaam lag in het huis waar zij woonde met haar partner en hun jonge kind. De vondst leidde tot een uitgebreid forensisch onderzoek in de woning dat meerdere dagen duurde. De zaak werd later opgepakt door gespecialiseerde rechercheurs die de woning onderzochten op sporen en bewijs.[1][2]
beschuldiging van het openbaar ministerie
Het Openbaar Ministerie verdenkt de 39-jarige partner, ondernemer Clen V., ervan het slachtoffer eerst te hebben vergiftigd en daarna haar hoofd onder water te hebben gehouden, waardoor ze zou zijn gestikt. Deze beschrijving van het vermeende handelen staat in de tenlastelegging die door justitie is gedaan. De concrete bewoordingen van het OM zijn in reportage en dossiermeldingen weergegeven.[1][2]
arrestatie en onderzoeksverloop
Bijna twee weken na de vondst werd de 39-jarige verdachte aangehouden door de recherche. Politie en forensische teams verzamelden verklaringen en sporen in en rond de woning om de toedracht te reconstrueren. Uit berichten blijkt dat het onderzoek nog loopt en dat justitie bewijs verzamelt om de tenlastelegging te onderbouwen. Details over het forensische onderzoek zijn niet volledig openbaar gemaakt.[1][2][alert! ‘volledige forensische details publicatie nog niet beschikbaar’]
werkgever, geruchten en juridische stappen
Het slachtoffer was werkzaam bij ABN Amro. Kort na de vondst ontstonden geruchten over een mogelijk verband met een andere dodelijke vondst van een collega; politie en OM verklaren dat die zaken los van elkaar worden onderzocht en door separate teams worden behandeld. De verdediging van Clen V. geeft nog geen inhoudelijke reactie. Op 1 juli staat een pro-formazitting gepland waarin de zaak formeel wordt behandeld.[1][2]